| Preek van de week |
|
|
||
| 18 april - derde paaszondag |
|
|
Lezingen: Handelingen
5,27-41
Wenst u de preken
thuis in uw elektronische postbus
te ontvangen?
U kunt
reageren
|
|||||||||
|
Gooi het eens over een andere
boeg. Pak het eens anders aan. Zo'n raad geef je spontaan aan mensen die
het niet meer zien zitten, die ontgoocheld zijn zoals de leerlingen van
Jezus die na de schokkende gebeurtenissen. van Jezus' kruisdood terug gaan
naar hun vroegere bezigheden. Terug gaan vissen. Petrus, de man die hard van stapel kon lopen maar ook
vlug op zijn stappen terug kon keren, nam het initiatief. En hij sleepte de
hele kliek met zich mee. En dan is er iemand die zegt: gooi het net eens uit aan
de andere kant. Nonsens voor iemand die de stiel kent. Normaal gooiden
vissers in die tijd de netten uit aan de linkerzijde. Rechts, aan
stuurboord, gold als de gevaarlijke kant. En toch doen ze het, ofschoon
vissers de naam hebben bijgelovig en nogal koppig en vasthoudend te zijn. En
het resultaat is verbluffend. Een net vol vis.
In de schemering van het ochtendgloren hadden ze de man
die hen de raad had gegeven niet onmiddellijk herkend. Wetend dat het de Heer was, durfde niemand hem vragen:
wie bent u? Dit merkwaardig zinnetje vertolkt de spanning die
altijd verbonden blijft met de ervaring van de Verrezene. Hij is het, ... en
toch is Hij het niet.Dat verwijst naar een totaal nieuwe wijze waarop de
Verrezene aanwezig komt, anders dan tijdens zijn aardse leven.
Eigenlijk kun je de verheerlijkte Christus maar zien als
je kijkt met een gelovig hart. En dat zien met de ogen van het hart wordt in
het verhaal heel concreet voorgesteld met het beeld van een man die aan de
oever van het meer een houtskoolvuurtje aanlegt met brood en vis erop. Dat
concrete beeld moet bij Petrus de herinnering hebben opgeroepen aan het
houtskoolvuur waaraan hij zich warmde toen hij Jezus verloochende. En plots staat Hij er weer. Die Jezus, die hun leven
bezielde en die hen nu oproept om mensenvissers te worden. Als Petrus kan zeggen dat Jezus' boodschap en zijn
manier van leven hem blijvend bezielt en hem lief is, mag hij de kudde
weiden.
Wensen ook wij elkaar toe dat in deze paastijd voor ieder
van ons het besef mag groeien dat de Verrezene met ons meegaat op onze
levensweg,en ons oproept als herboren mensen te leven, klaar om
op onze beurt mee te werken aan wat hem bezielde en lief was. Gerard Braet o.p.,
Knokke |
| |